Afspraak maken?  (058) 265 17 56     Contact
column

vrijgevig

augustus 2019

Vrijgevig

“Tadaa” mijn oudste dochter staat midden in de woonkamer om haar mooie outfit te showen. We gaan samen uit eten om haar 25e verjaardag te vieren. In één oogopslag zie ik dat ze, behalve een leuke broek en shirt, ook mijn nieuwe oorringen draagt. Ik had ze alvast in de badkamer klaargelegd om ze vanavond zelf te dragen. “Mooi staan ze hè; precies de goede stijl voor mijn outfit” merkt mijn dochter olijk op terwijl ze me half schuldbewust, half stralend aan kijkt.

 

Tjonge, het is me wat, die dochters van me. “Even winkelen in jouw kledingkast” oppert mijn jongste regelmatig als ze een kledingstuk nodig heeft voor een speciale gelegenheid. Eigenlijk moet ik het, volgens mijn dochters, als een eer beschouwen dat ze kleding van mij willen dragen...

 

Het maakt ook duidelijk dat bezit maar een betrekkelijk begrip is. Niet alleen kleding maar ook andere bezittingen kunnen op wonderbaarlijke wijze van eigenaar wisselen. Zo had ik ooit prachtige nieuwe, luxe badhanddoeken meegenomen op een gezamenlijke vakantie met mijn zus en haar gezin. Mijn neefje die destijds één jaar oud was, bleek helemaal verzot te zijn op een blauw exemplaar van mijn dierbare badhanddoeken. Hij wilde hem steeds mee in zijn ledikantje en ik heb de handdoek nooit meer terug gezien. Inmiddels is mijn neefje trouwens een stoere gast van zestien jaar, dus ik neem aan dat de baddoek inmiddels buiten functie is.

 

Soms is het ook omgekeerd en leen ik iets wat ik verzuim terug te geven. Zo leende mijn moeder mij ooit een vaasje dat ik heel mooi vond en stiekem graag wilde houden. “Ik vind het zo'n prachtig vaasje...” liet ik haar met een poeslief stemmetje, dat ik ook van mijn dochters zo goed ken, verwachtingsvol weten. “Hou dan nog maar even” antwoordde mijn moeder gelaten; precies zoals ik nu sommige van mijn spullen lijdzaam richting mijn dochters laat gaan. Het vaasje heb ik uiteindelijk permanent in bruikleen gehouden...

 

Intrigerend is het toch; dat bezit zo relatief is. “Dit is mijn huis, mijn land, mijn spullen, mijn geld, mijn sieraden, mijn boeken” enzovoort... Maar in hoeverre is dat echt zo? In het beste geval zijn spullen tijdelijk in ons bezit. Dit werd me pijnlijk duidelijk toen mijn moeder plotseling overleed. Nog zie ik haarscherp voor me hoe, in de gang ons ouderlijk huis, haar schoenen daar verlaten stonden net als haar jassen die aan de kapstok hingen.

 

“Van mij” is een zinnetje wat kleine kinderen voor in de mond hebben liggen, maar ook wij volwassenen vinden het niet altijd gemakkelijk om te delen. De één is er misschien van nature ook beter in dan de ander. Zo heeft mijn jongste dochter een vrijgevig karakter. Toen ze nog wat jonger was dacht ze dan ook dat haar mobiele telefoon 'vrij géven' aangaf in plaats van 'vrijgeven'. Maar ook zij raakte vroeger regelmatig slaags met haar oudere zus over 'gestolen' sokken. En nog steeds beschuldigen de zussen elkaar af en toe, tot hun eigen vermaak, van kwijtgeraakte kleding; ook al wonen ze allang niet meer bij elkaar.

 

Vrijgevig vind ik overigens een prachtig en nastrevingswaardig woord. Het impiceert mijns inziens dat je genoeg moet hebben om te kúnnen geven. En daarnaast dat je het doet omdat je het van harte wilt, niet omdat je je verplicht voelt of omdat het anderszins moet. Als die voorwaarden er zijn dan ben je vrij om te geven. En dan maakt geven blij, minstens net zo blij als ontvangen!